Een nieuwe blik op… Nuchtere dansschoolhouder Reinbert Martijn – deel 2

“Ballet = topsport”

Als je Reinbert vraagt waar hij het meest trots op is, zegt hij meteen: “Mijn leerlingen”. Hij gelooft er heilig in dat iedereen evenveel recht heeft op een gewoon goede les. Die krijg je dan ook in zijn dansschool Dance Center NL in o.a. De Rinkelbom in Heerenveen. Maar er is ook een andere kant aan dansen op topniveau. We lazen in deel 1 al over de hobbels die hij zelf tegen kwam. Maar nu als docent ziet, hoort en voelt Reinbert wat dansen voor zijn leerlingen betekent. En… wat de keerzijde is van het schoolsysteem in Nederland. Dit is deel 2 van het opzienbarende interview met Reinbert Martijn.

Door in dit deel de verhalen van zijn leerlingen, bewust geanonimiseerd, te delen hopen we meer bekendheid en zichtbaarheid te geven aan de keerzijde van sport én cultuur. Hoewel cultuur vaak als hobby wordt bestempeld werken jongens en meiden hard, oefenen elke dag om heel goed te worden in hun discipline. Of dit nu een muziekinstrument, dans, theater of als kunstenaar is. Net als… in de sportwereld. Maar wees gewaarschuwd, het zijn heftige verhalen van meiden die op jonge leeftijd al hun droom uiteen zagen spatten.

Systeem klopt niet!

Reinbert is heel duidelijk over het schoolsysteem voor dansers, het deugt gewoon niet. “Waarom moet je minimaal HBO hebben om professioneel danser te kunnen worden? Als een danser getalenteerd is en hij/zij krijgt VMBO advies in groep 8? Dan weet je bij voorbaat dat het einde oefening is. Zelfs met de omweg MBO naar HBO. Voordat je klaar bent met die opleiding(en) ben je al te oud. Omdat je carrière ongeveer tot je 32ste duurt heb je maar een paar ‘goede’ jaren over. Waarom zou een gezelschap in jou investeren als ze jongere mensen uit het buitenland kunnen halen? Daar kijken ze alleen of je talentvol bent. Je gaat naar een dansvakopleiding en klaar. Je studeert daar dan ook jonger af. Wat mij betreft moet het hele predicaat HBO er van af. Het ministerie van onderwijs heeft dit in 1979 ingesteld en kan dat dus ook weer terugdraaien. Als een danser technisch begaafd is leert hij/zij haar talen en andere zaken vanzelf wel. Daar hoef je echt niet bang voor te zijn”.

Duidelijke woorden van Reinbert. Maar hoe gaat dat nu in de praktijk? Een aantal leerlingen, uit heel Friesland, zijn bereid om het gesprek aan te gaan.

Dag carrière

A.(16) traint bij Reinbert om beter te worden. “Ik wil professioneel danseres en choreograaf worden”. Ze begon op haar vierde al met dansen en zit sinds haar twaalfde bij de jeugddansopleiding in Leeuwarden. Daar leerde ze in het tweede jaar Reinbert kennen en sindsdien traint ze intensief met hem. Er is alleen één probleem. A. zit op het MBO en dus zit een danscarrière in klassiek ballet er niet in. Hoe technisch onderlegd ze ook is. Reinbert: “Hier staat een talentvol meisje die niet de carrière kan krijgen die ze wil. Je smoort iets in de kiem. Gelukkig weet ik dat ze haar nieuwe weg wel zal vinden. Ze zoekt wel een manier om te bereiken wat ze wil bereiken, daar vertrouw ik op”. Wat betekende dit voor haar? “Het was balen omdat ik iets wilde bereiken. Maar nu zal ik na de Cosmo Academy alsnog HBO dans gaan doen en afstuderen als choreografe.”

Gastgezin

F. (15) heeft al een heel traject achter de rug. “In groep 7 werd ik toegelaten tot de Nationale Balletacademie in Amsterdam. Ik stapte in mijn eentje met een koffer in de trein, ging naar school en vervolgens naar het gastgezin waar ik de rest van de week doorbracht”. Reinbert vult aan dat genoeg talenten stranden door deze omstandigheden. Dit gold ook voor haar. Ze had het zwaar als jong meisje in Amsterdam. “Het doet nu nog zo’n pijn! Ik wilde niet stoppen, maar het ging gewoon niet”. Soms moeten ouders/verzorgers of docenten iemand in bescherming nemen. Dit betekent overigens niet dat F. het dansen opgegeven heeft. Ze reist veel voor goede balletlessen. Daarom is het fijn dat ze nu sinds september in Heerenveen, vlakbij huis, balletlessen van Reinbert kan volgen. “Nu is er een goede docent waar ik heel blij van wordt. Dat hoge niveau is belangrijk voor mij. Ik weet nog niet wat ik later wil worden, maar hard werken vind ik fijn! En dat doe ik hier.”

Kunstschaatsen + Ballet = winnen?

Als laatste sprak ik met de jonge A. (9) die kunstschaatsster is. Ze maakt gebruik van balletlessen om een betere sportster te worden. Ze wil graag hoge ogen scoren op het NK waar ze de vorige keer al de finale haalde bij de mini’s. “Ik vind ballet heel leuk! Het gaat om de sprongen en de houding. Hier kan ik goed leren hoe dat moet. Mijn coach zegt altijd dat ik rechtop moet staan”. Haar moeder vult aan dat presentatie onderdeel is van de puntentelling bij kunstrijden. Daarom zijn ze ook zo blij met de balletlessen. Het is een prachtige aanvulling op haar trainingen en helpt de jongedame verder. Gelukkig weet Reinbert haar goed te begeleiden doordat hij in de loop der jaren vaker kunstrijders begeleid heeft. “Ik weet wat ze nodig hebben”.

De kunstschaatsster traint minimaal 15 uren in de week en op vrijdagen komt ze na afloop van de training naar balletles. Haar moeder valt vooral op hoe hard het werken is tijdens de lessen maar ook dat het effect heeft. Reinbert vult graag aan: “Ik nodig hierbij dan ook andere kunstrijders maar ook turners van harte uit om mijn lessen in De Rinkelbom te komen volgen! Ik zal mijzelf altijd de vraag stellen: wat kan ik als bewegingsdeskundige inbrengen bij hun sporten?”

“Ik heb een keer een balletles met Johan Cruijf gedaan: hilariteit! Hoe vaak oefenen balletdansers? Elke dag. Ballet is ook topsport. Het wordt alleen niet hetzelfde gehonoreerd…”

Tekst en foto: Janita Baron

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *